Kritiek op het onderwijs van binnenuit

Er zijn veel mensen die een mening hebben over de vormgeving van het onderwijs in Nederland. Aangezien het onderwijs een groot onderdeel vormt van de toekomst van onze kinderen, is het logisch dat we betrokken zijn en blijven bij de manier waarop dit gebeurt. Helaas zijn de meningen die gegeven worden vaak persoonlijk van aard.

Desalniettemin zijn er ook kritieken waar we wel naar zouden moeten luisteren. Er zijn regelmatig mensen die hun mening uiten en die in het onderwijs zelf werken. Dit zijn de leraren en leraressen waarvan iedereen zegt dat ze zoveel vakanties hebben. Het tegendeel blijkt helaas waar en dat heeft veel te maken met de manier waarop het onderwijs vandaag de dag werkt. Waar gaat het fout?

Veel vakanties en een goed loon!

Er wordt te vaak gedacht dat docenten nagenoeg altijd vakantie hebben en korte dagen maken. De mensen die een docent persoonlijk kennen als vriend of vriendin, weten dat dit niet waar is. De gemiddelde docent maakt meer uren dan een standaard werknemer en wanneer je dit meerekent in het loon, dan is het een baan die bijzonder slecht betaalt. ’s Avonds moet het werk voorbereid worden voor de volgende dag, ’s morgens moeten de leraren er eerder zijn om alles door te nemen en het gebeurt meer dan regelmatig dat deze mensen in het weekend nog door moeten werken om proefwerken en werkstukken na te kijken. Dit rekenen we allemaal niet mee wanneer we aan docenten denken, maar het echte pijnpunt ligt elders.

Administratie

Het onderwijs in Nederland is een bureaucratisch drama geworden. Wanneer we denken aan een leraar, denken we aan iemand die voor de klas staat en die educatie geeft aan de kinderen. Dat is al lang niet meer de plaats waar de docenten het meeste werk verzetten. De gemiddelde docent is meer bezig met de administratie dan met het geven van lessen. Er moeten rapporten geschreven worden over de kinderen, die moeten bijgehouden worden en vervolgens moet ook alles volgens en in de boekjes gedaan worden. Dat klinkt logisch, maar is het nog steeds zo logisch wanneer je weet dat slechts 1% van de rapporten gebruikt wordt om een kind te helpen? Het echte probleem ligt nog dieper. De rapporten zijn bedoeld om problemen te herkennen en aan te pakken, maar juist door alle rapporten worden er fouten gemaakt.

We hebben het onderwijs tot een bureaucratische rompslomp gemaakt die niet echt aantrekkelijk te noemen is voor de mensen die leraar willen worden. Tegelijkertijd is bij het onderwijs steeds minder nadruk komen te liggen op het onderwijs zelf. We leren de kinderen niet meer zelf te denken, we leren de kinderen om feitjes te onthouden die zij kunnen reproduceren op toetsen, zonder dat hier in de praktijk iets mee gedaan kan worden. Tegelijkertijd verwerken we alles tot een cijfer of waardering omdat we vinden dat we dan beter kunnen monitoren, maar de vraag is of die basis eigenlijk wel te verdedigen is.